Strijd om de alternativiteit in Doornroosje

Het moderne gebouw van Doornroosje verbergt haar bewogen geschiedenis van de jaren 70 en 80. Jarenlang is “Roosje” een jongerencentrum, waar alternatieve levensstijlen de boventoon voeren. Deze verschillende groepen botsen ook wel eens. De meest iconische strijd is die tussen de hippies van het theehuis en de punkers van de concertzaal: bloemetjes versus piercings, mediteren versus protesteren.

Kreatief Aktiviteiten Sentrum

De geschiedenis van Doornroosje begint in 1968. De Nijmeegse jeugd zoekt een plek om samen muziek te luisteren, creatief bezig te zijn en te praten. In de begindagen is Doornroosje net een groot studentenhuis waar jongeren gezellige zaterdagavonden doorbrengen. Maar al snel groeit het hippiecollectief en gaat Roosje op zoek naar een groter onderkomen. De keuze valt op een oud schoolgebouw, dat wordt omgetoverd tot het “Kreatief Aktiviteiten Sentrum” (KAS).
Bij het jongerencentrum gaat het in die tijd echt niet alleen om muziek luisteren. Er worden allerlei activiteiten opgezet, van theater tot zeefdrukken. Er is zelfs een sportzaal. Het grootste deel wordt door de jongeren zelf geregeld. Hoewel er wel wat organisatie is van bovenaf, is het echt een centrum voor en door de jongeren. 

In de jaren 70 is vooral het theehuis een bekend fenomeen. Op de eerste verdieping van het KAS is een soort kantine te vinden. Er staat een geïmproviseerde bar en er liggen matrassen om op te relaxen. Veel scholieren en studenten komen hier na schooltijd samen. Er wordt wat thee gedronken en vooral veel geblowd. De sfeer in het theehuis is relaxt, precies zoals de hippies Doornroosje het liefst zien. 

KAS is niet het enige jongerencentrum in Nederland. Het is een typisch voorbeeld van de vele ontmoetingsplekken die in de jaren 60 voor jongeren worden opgericht. Andere voorbeelden zijn Paradiso en de Melkweg in Amsterdam en de Effenaar in Eindhoven. Je leest het al. Veel van deze plekken worden later poppodia. Hoe dat gebeurt lees je hier. 

Voormalig Popcentrum Doornroosje

Strijd der levensstijlen 

Aan de relaxte hippiesfeer van het KAS-theehuis komt een einde wanneer de punkscene opkomt. De strijd tussen hippies en punkers werd echter zeker niet alleen hier in Nijmegen gevoerd. Het is 1977 wanneer de Britse punkband The Sex Pistols 'God Save the Queen' uitbrengt. In dat nummer bezingen ze een nihilistisch wereldbeeld waar veel jongeren zich in kunnen vinden: “no future for you …  no future for me … no future!” The Sex Pistols schijnen ook het motto “never trust a hippie” de wereld in te hebben geholpen. De cynische punkers zien de frivole hippiecultuur steeds meer als onoprecht en naïef en zo komen de groepen vaak recht tegenover elkaar te staan. 

Ook in Nijmegen beginnen eind jaren 70 een paar punkbandjes. Dit zijn vooral groepjes jongeren die – zoals dat bij punk hoort - eigenlijk nog geen instrument kunnen bespelen, maar toch herrie willen maken. Binnen Doornroosje wordt een werkgroep opgericht die zich speciaal richt op het boeken van punkbands. Met de punkmuziek komt ook hun nihilistische instelling en luidruchtige levensstijl binnen en daar ondervindt Roosje al snel de gevolgen van.

Met de punkscene beneden in de concertzaal en de hippies boven in het theehuis, heeft ieder zijn eigen terrein. Toch botst het regelmatig. Zo trekken de punkers na een optreden van de Nijmeegse band The Squats het theehuis binnen om er de haren van de hippies af te knippen. De politie moet ingrijpen om het conflict te sussen.     

Het brandpunt van de strijd is de trap die de punkers beneden en de hippies boven van elkaar scheidt. Daar wordt met regelmaat geknokt. Ook de muren van de concertzaal zijn een twistpunt. De punkers spuiten ze vol graffiti, waarna de hippies de muren weer witten of vol schilderen met grote bloemen. 

Graffitti op de muur van Doornroosje, van o.a. de Nijmeegse punkband 'The Squats'

Pas in 1982 komt er een einde aan de strijd door de sluiting van het theehuis. De matrassen worden vervangen door een modern interieur en de hippiecultuur verdwijnt langzaamaan. Enkele hippies knippen zelfs hun haren kort en staan voortaan op de punkavonden mee te hossen en te beuken met het “pogoën”– de voorloper van de moderne moshpit. 

Roosje wordt groot

Zoals het de meeste stijlen vergaat, verdwijnt de punkscene ook weer deels uit het beeld van Doornroosje. In de jaren 90 wil de organisatie graag professionaliseren en verandert het jeugdcentrum in een modern poppodium. Met meer verscheidenheid in muziekstijlen trekt Doornroosje ook een divers publiek. Vooral de dancescene groeit hard en geeft Nijmegen de bijnaam van “Detroit aan de Waal”. Roosje groeit en maakt zich op voor de verhuizing naar het moderne pand bij het station.

Van de oude cultuurstrijd is in het nieuwe Doornroosje weinig meer te merken. In de grote zaal kan een rockband spelen, terwijl in de kleine zaal Nederlandstalige popmuziek te horen is. Het is een poppodium geworden voor iedereen. Van jong tot oud, van hardrockers tot jazzfanaten. En vechten op de trap? Daar hoef je niet langer bang voor te zijn! 

Geschreven door:
Lara Severens en Pim Scheerder

Dit vind je misschien ook leuk