Reeksen en Romeinse Rijkdommen: de archeologische collectie van Museum Kam
Wie in Nijmegen-Oost bekend is, heeft het prachtige gebouw van Museum Kam misschien wel eens gezien. Benieuwd naar wat er achter die muren schuilt? Barbara Kruijsen, hoofd Collectie & onderzoek bij het Valkhof Museum, vertelt er meer over.
Gerard Kam en zijn collectie
“De oorsprong van het museum ligt bij een particuliere verzamelaar,” begint Barbara. “Gerard Kam, naar wie het museum vernoemd is, woonde lange tijd in Rotterdam en is daar heel rijk geworden in de staalhandel. Toen hij met pensioen ging, is hij in Nijmegen komen wonen met zijn vrouw Janna Hoekstra; zij was ziekelijk. Het was het idee rond 1900 dat je hier kon kuren, in de natuur met de schone lucht, de bergen. Maar het was ook een gebied dat net werd ontwikkeld. Aan het einde van de negentiende eeuw verdween de vestingstatus van Nijmegen. Dat betekende dat er nu ook buiten de oude stadsmuren gebouwd mocht worden.”
“En precies daar – buiten de stadsmuren – hebben de Romeinen eeuwenlang hun doden begraven. Het was hier zo goed als: steek een schop in de grond en je hebt een graf gevonden,” vertelt Barbara verder. “Meneer Kam vond dit heel interessant. Hij is eigenlijk vrij snel nadat hij hier is komen wonen, begonnen met het verzamelen van die vondsten. In de familie gaat het verhaal dat hij in de tuin op zoek was naar wormen voor het vissen en dat hij toen Romeinse potjes vond. Hij is toen heel snel enorm gepassioneerd geraakt door de Romeinse tijd. Binnen korte tijd heeft hij een grote collectie aangelegd, met aardewerk maar ook met munten en glas. Voor een heel groot deel komt zijn collectie hier uit de buurt, uit de stad Nijmegen.”
![]()
De toekomst van de collectie
“Op een gegeven moment werd de collectie zo groot, toen heeft hij in zijn koetshuis zelf een museumpje ingericht. Dat trok ook de interesse van wetenschappers. Zo begon het.”
Gerard Kam had eerst het idee om zijn collectie aan de staat na te laten, zodat het in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden terecht zou komen. Alleen, toen hij erachter kwam dat zijn collectie daar voor een groot deel in depot zou komen te staan, bedacht hij zich. “Meneer Kam was terecht verschrikkelijk trots op zijn verzameling, hij wilde dat alles te zien zou zijn.”
“Meneer Kam heeft toen dit stuk grond gekocht waar het museum nu staat, en daar heeft hij ook opgravingen laten doen,” zegt Barbara. “Hier zijn ook veel vondsten gedaan, ook terug te zien in de collectie. Na de opgravingen heeft meneer Kam dit gebouw laten bouwen, door Oscar Leeuw – een bekende architect hier in Nijmegen. Meneer Kam heeft toen zijn hele collectie én het gebouw aan de staat geschonken, zodat alle vondsten in Nijmegen zelf tentoongesteld konden worden. Dat is toen in 1922 geopend: Rijksmuseum Kam.”
Al is Gerard Kam zelf vlak na de opening overleden, zijn collectie leefde voort en groeide zelfs uit. Vanwege bezuinigingen heeft de staat het pand in 1987 overgedragen aan de provincie, met collectie in bruikleen. In 1999 is het provinciale Museum Kam samengegaan met het gemeentelijk museum, samen werden ze Museum Het Valkhof. In de afgelopen jaren is
Museum Kam door de provincie Gelderland gerestaureerd om het gebouw weer in oude glorie te herstellen. Met een oog voor de toekomst en respect voor het verleden, is Museum Kam weer toegankelijk gemaakt.
Onderzoek centraal
“Door onderzoek te doen leren wij steeds beter hoe mensen in het verleden hebben samengeleefd. Wij zijn ervan overtuigd dat dat belangrijk is voor het nú en voor de toekomst. Door goed te kijken naar het verleden, kun je ook betere beslissingen nemen over de toekomst – kun je buiten je eigen vaste denkkaders kijken. Dat alleen al helpt je om nieuwe oplossingen te vinden,” zegt Barbara over het belang van onderzoek.
“De combinatie tussen een museum en onderzoekscentrum is heel fijn. Al die kennis die onderzoekers opdoen, daar kunnen wij ook weer mee verder. Dat kunnen we gebruiken voor het bevorderen van nieuw onderzoek, of voor het inrichten van tentoonstellingen. Daar halen wij heel veel uit. ”
![]()
Wie benieuwd is naar de collectie, heeft geluk. “De allermooiste vondsten van Kam zijn na de opening van het Valkhof Museum in de zomer van 2026 voor het grote publiek te zien op Kelfkensbos. Museum Kam zelf is echt voor de liefhebber. Als je straks kennismaakt met archeologie in het grote museum en je denkt: ik ben hier helemaal door gegrepen of je wilt meer specifieke kennis opdoen, of je wilt iets heel speciaals – dat doen we hier. We zijn in het weekend, op zondag, altijd open voor publiek: dan kunnen we je de hele collectie laten zien! Museum Kam is voor het verdiepende – voor het onderzoek leren doen.”
Benieuwd? Klik hier voor meer informatie.
Fotografie: Toon de Vos