Nijmegen en de Romeinse Limes

De Neder-Germaanse Limes staat vanaf 27 juli 2021 op de UNESCO Werelderfgoedlijst, zo besloot het Werelderfgoedcomité. Daarmee bestempelt UNESCO de Romeinse legerkampen die in de bodem van Nijmegen bewaard zijn gebleven als Werelderfgoed. De Romeinse legerkampen van het Valkhof, de Hunerberg en het Kops Plateau maken onderdeel uit van de Neder-Germaanse Limes, de Romeinse rijksgrens in het huidige Nederland en Duitsland. Nijmegen heeft nu circa 61 ha aan Werelderfgoed, bewaard in de bodem, ons archeologisch bodemarchief dat ons als hoofdstad van Romeins Nederland bestempelt.

Al sinds de jaren ’50 van de vorige eeuw vinden op grote schaal archeologische opgravingen plaats in Nijmegen. De toenmalige archeologen ontdekten al snel dat Nijmegen een bijzonder en voor Nederland uniek bodemarchief verborgen hield. Opgravingen op en rond het Valkhof, de Hunnerberg en het Kops Plateau onthulden steeds meer over het militaire karakter van de oorsprong van Romeins Nijmegen. 

Vondsten als de godenpijler van Keizer Tiberius uit de bodem van het Kelfkensbos, fraai versierde gezichtsmaskers van Romeinse ruiters, restanten van militaire kampementen en vele andere verwijzingen naar de aanwezigheid van Romeinse soldaten onthulden het belang van deze plek in de Romeinse opmars om het noordelijke deel van Europa te veroveren. Die opmars lukte echter niet volledig en uiteindelijk kozen de Romeinse keizers ervoor de Rijn als noordelijke limes, rijksgrens, te behouden en deze te verdedigen vanuit een groot netwerk van wachttorens en forten (castella).

Romeinse Limes

Bij de Rijn stuitten de Romeinse legioenen talloze malen op verzet van Germaanse barbaren, zoals de Romeinse historicus Tacitus de inheemse, autochtone stammen beschreef in zijn boeken uit de eerste eeuw na Chr. Bij Nijmegen vonden de Romeinse veldheren een geschikte strategische plek, die als uitvalsbasis diende om de Romeinse grens van het rijk stap voor stap uit te breiden voorbij de Rijn.

Hoewel de Nijmeegse Romeinen niet direct aan de grens vertoefden, was de plek van het latere Nijmegen onmisbaar in de verovering van gebieden in Nederland en Duitsland dankzij haar hoog gelegen, strategische ligging aan de rivier. Beroemde veldheren woonden hier bij tijd en wijle en mogelijk kregen zij zelfs hoog keizerlijk bezoek. De Nijmeegse legerplaatsen groeiden uit tot een belangrijk militair centrum en hadden een grote aantrekkingskracht op handelaren en ambachtslieden uit alle delen van de bekende wereld en op de lokale bevolking.

Valkhofpark - (en Hunnerpark)

Het Valkhof is een van de bijzonderste plekken in Nijmegen. Het park ligt hoog op een steile heuvel en heeft een geschiedenis die meer dan tweeduizend jaar teruggaat. Al in de prehistorie kwamen hier mensen en sporen van het Romeinse verleden liggen veilig in de bodem. Twee van de oudste stenen bouwwerken van Nederland zijn in het park opgenomen. Deze bouwwerken, de Nicolaaskapel en de Barbarossa-ruïne zijn tastbare restanten van de twaalfde eeuwse burcht. Deze burcht werd gebouwd op de fundamenten van een laat Romeins fort en een Karolingische Palts.

Het terrein van het Valkhof, waar zich aanvankelijk in de eerste eeuw de nederzetting Oppidum Batavorum, oftewel ‘versterkte stad van de Bataven’ uitstrekte, werd later ook ingericht als castellum waar soldaten bivakkeerden. Hun gezinnen vestigden zich rondom dit fort en hier ontstond een levendige bedrijvigheid met ambachtslieden en handelaren. De eerste Romeinse ‘stad’, compleet met verdedigingswal en grachten, waar 2000 jaar later Museum Het Valkhof met de archeologische collectie van de gemeente een plekje kreeg.

Bloeitijden werden afgewisseld met onrust. Vond de Bataafse Opstand echt plaats rondom het Valkhof waar brandsporen de funderingen van gebouwen uit die tijd markeren? De bewoners vluchtten in elk geval weg van deze plek, maar lieten zich niet zomaar verjagen. Aan de westkant van de huidige stad werd een nieuwe stad gebouwd, groter, Romeinser en welvarender dan ooit daarvoor: Ulpia Noviomagus.

Hunnerberg & Kops Plateau

De strategische heuvel van de Hunnerberg en het Kops Plateau werd door de Romeinse veldheren gekozen als uitvalsbasis en veilige thuishaven. Op de Hunnerberg was een castra (legerkamp) gebouwd en daar trokken veel mensen naartoe. Zo ontstond eromheen een soort dorp met een forum (markt), een herberg en een amfitheater (buitentheater). De castra zelf, een grote kazerne, bood met zo’n 42 ha plaats aan twee Romeinse legioenen. We weten in ieder geval zeker dat het Tiende Legioen met de bijnaam Gemini (Tweeling) er een tijd woonde. Dit legioen moest niet alleen de Neder-Germaanse limes verdedigen en de orde in het gebied handhaven maar speelde ook een belangrijke rol bij de aanleg van wegen en de bouw van grote en monumentale openbare gebouwen in Nijmegen.

Het Kops Plateau werd ingericht voor de ruitereenheden van het Romeinse leger. Zeer uniek voor Nederland was de enorme en  uitzonderlijk luxe commandantswoning (praetorium) op het Kops Plateau. De muren waren bepleisterd, er waren zuilengalerijen en een siertuin. Verbleef hier misschien de keizerlijke troonopvolger Germanicus die zijn bijnaam verdiende aan de vermeende verovering van Germanië?

Aquaduct

Er werd zelfs enorm veel moeite gedaan om een echt Romeins aquaduct aan te leggen, het enige aquaduct van Nederland. Dit bouwwerk moest het legioen voorzien van schoon drinkwater vanuit de bronnen van Berg en Dal. Een technisch hoogstandje, waarvan we nu nog niet eens goed begrijpen hoe het die Romeinen gelukt is. Zelfs bovengronds zijn hier nog de sporen van te zien als je weet waar je moet kijken.

Lees meer

Wie waren de Romeinen en Bataven?

De Romeinen zijn de eerste mensen geweest die teksten hebben geschreven over Nederland. Dit is bijzonder en markeert voor Nederland het kantelpunt tussen prehistorie (voor de geschreven tijd) en protohistorie (waar de lokale bevolking nog niet zelf schrijft). Van de Romeinen die als soldaat naar Nijmegen kwamen is bekend dat zij uit verschillende delen van het uitgestrekte Romeinse Rijk afkomstig waren, vanuit Brittannia tot aan het Midden Oosten, vanuit Noord-Afrika tot aan het huidige Rijnland. Er was dus sprake van een heel gemêleerd, multicultureel gezelschap dat zich hier vestigde.

Voordat de Romeinen naar Nederland kwamen woonden rond Nijmegen al heel lang mensen. Zij werden door de Romeinen Bataven genoemd. De Bataven woonden hier erg goed in omvangrijke woningen met paarden en vee. De grond was vruchtbaar voor de landbouw en de mensen kwamen niks tekort. De komst van de Romeinen betekende dat ze hun producten konden ruilen voor spullen, zoals sieraden, uit verre gebieden. Uiteraard hield de komst ook in dat ze in moesten schikken naar de wens van de Romeinen, dit leidde dan soms tot confrontaties.

Daarnaast konden de Bataven vrijwillig door het Romeinse leger worden ingelijfd. De Bataven waren gewilde krijgers omdat ze goed met paarden overweg konden. Voor de Bataven was het een kans op een mooie carrière waar je veel van de wereld kon ontdekken. Bovendien mocht je na 25 dienstjaren  met pensioen, veel Bataafse Romeinen keerden dan terug naar hun oorspronkelijke woonplaats en lieten trots een huis in Romeinse stijl bouwen.

Een eenduidig antwoord op wie de Romeinen en de Bataven waren is dus niet gemakkelijk te zeggen. Want uiteindelijk namen de Bataven, en mensen uit de rest van Europa, in de loop van eeuwen steeds meer Romeinse gebruiken over. Hiermee is de Romeinse limes dus behalve als een grens ter verdediging óók als een verbindend element tussen verschillende bevolkingsgroepen te beschouwen.

Ontdek de historie van Nijmegen - Lees verhalen of ga op pad

Wat is UNESCO Werelderfgoed?

De Chinese Muur, de Amsterdamse grachten, de piramides in Egypte, maar ook de Grand Canyon in de Verenigde Staten en het Great Barrier Reef in Australië: allemaal zijn ze terug te vinden op de UNESCO Werelderfgoedlijst. Maar wat is dat precies, die Werelderfgoedlijst?

UNESCO is in 1945 opgericht als organisatie voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur van de Verenigde Naties en zet zich in voor de bestrijding van armoede, bevordering van duurzame ontwikkeling en stimulering van interculturele dialoog.

Een van de onderdelen daarvan is het Werelderfgoedprogramma, dat van start is gegaan in 1972 en resulteerde in de Werelderfgoedlijst. Op die lijst staan inmiddels meer dan 1000 monumenten die vanwege hun culturele, historische of wetenschappelijke betekenis een uitzonderlijke, universele status genieten. Dit erfgoed kan zowel cultureel als natuurlijk zijn en heeft als gemeenschappelijke deler dat het wordt beschouwd als onvervangbaar uniek en eigendom van de hele wereld.

Een plek komt niet zomaar op de lijst: daartoe dient het door één van de bij de UNESCO aangesloten landen te worden voorgedragen, waarna een speciale commissie over de toelating beslist. Je kunt dus gerust spreken van een elitegezelschap.

Bron