99 + 1 Kunstenaars - vrije kunst in Nijmegen

Ze zitten overal. Weggestopt in duistere hokken op de derde verdieping van een stadspand, in de open lucht, of gewoon thuis in de keuken. Maar hoe vind je ze? Één Nijmegenaar besloot zo’n zeven jaar geleden de uitdaging aan te gaan: een honderdtal Nijmeegse kunstenaars in het wild opsporen en in de schijnwerpers plaatsen. Dat plan werd langzaamaan werkelijkheid. Nu is er een boek op atlasgrootte, een presentatie, en een groots opgezette expositie in Museum Het Valkhof, allemaal over 99 Nijmeegse kunstenaars.

Dat museum staat overigens een klein beetje op z’n kop op deze vroege dinsdagochtend 5 juni, want de opbouw van expositie 99 +1 - Vrije Kunst in Nijmegen is in volle gang. Daarnaast hebben organisatoren Nico Huijbregts (schrijver van het boek), Pascale Companjen (grafisch vormgever van het boek) en Inge Hondebrink (fotograaf) hun handen vol aan persmomenten en de laatste loodjes voor de feestelijke opening aanstaande vrijdag. Tussen alle drukte vinden ze een moment om samen met Barbara Kruijsen, conservator van Museum Het Valkhof, bij ons aan te schuiven voor een gesprek over dit ambitieuze project.

Nu zien we om ons heen een levensgrote expositie, een net zo groot boek en de opbouw van een feestelijke openingsavond. Maar natuurlijk is 99 + 1 klein begonnen. Kunnen jullie ons meer vertellen over het begin van het project?

Nico: “In 2011 ontstond bij mij het idee om over honderd kunstwerken uit Nijmegen te schrijven. Daarmee ben ik naar Pascale gegaan. Het ging oorspronkelijk nog niet per se om een boekvorm of iets dat gedrukt zou worden. Dat is later pas ontstaan, en toen kwam Inge er ook bij om alles op beeld vast te leggen. Door de jaren heen is de titel geëvolueerd tot 99+1, met het idee dat iedere andere kunstenaar of ieder ander kunstwerk uit de omgeving ook de potentie had om in dit boek te staan.”

Pascale: “In eerste instantie hadden we zelfs het waanzinnige idee om de honderd kunstwerken te verdelen in een serie van tien boeken met elk een eigen thema. Als er bijvoorbeeld glaskunst wordt beschreven, maak ik een glazen boek. Met heel veel ruimtelijk werk maak ik een boek met hout of acrylverf. Dat idee bleek allesbehalve haalbaar, het reële idee werd één boek: dit boek.”

Nico: “Toen het plan voor 99 + 1 steeds duidelijker werd, heeft het nog best lang geduurd voordat de uitvoering zoals deze nu bekend is tot stand kwam. In 2015 kwamen we namelijk pas in contact met museum Het Valkhof. Toen was er vrij snel een fijne samenwerking met Barbara, die het boek wilde presenteren. En dan komt er ook een definitieve deadline om de hoek kijken: die deadline is vrijdag!”

Het benaderen van honderd kunstenaars lijkt ook een behoorlijk lijvige klus. Hoe zijn jullie daaraan begonnen?

Nico: “Toen ik met het honderd kunstwerken-idee in mijn hoofd liep, ben ik ook vrijwel direct begonnen met het benaderen van kunstenaars. Maar die benadering gebeurde op een toevallige manier, als ik bijvoorbeeld bij een tentoonstelling was of een kunstenaar op straat tegenkwam die ik wel zou willen spreken. De eis voor het project werd: als ik het mooi vind, ga ik erover schrijven.”

Inge: “Het is dus een subjectieve selectie, het is niet dat iets ‘mooi genoeg’ moest zijn om in een boek over Nijmeegse kunst te komen. Het representeert een toevalssteekproef en Nico’s voorkeuren.”

Nico: “Toen ik 99 kunstenaars had gesproken, kwam ik in musea, op straat, overal en nergens kunst tegen en dan dacht ik vaak nog steeds: dit was ook schitterend als het in het boek zou staan. Onder de spoortunnel zag ik gisteren bijvoorbeeld de nieuwe grote wandtekening, die ieder half jaar verandert. Die vond ik heel mooi en had ik natuurlijk ook graag in het boek gewild. Maar zo gaat het maar door natuurlijk. Je moet ergens een grens trekken.”

Je selectie betreft een sneeuwbalsteekproef, maar wat heeft dat betekend voor de demografische samenstelling van het boek? Zijn er ook verschillende leeftijden, genders en vakgebieden te vinden in 99 + 1?

Nico: “Daar heb ik op een gegeven moment wel op gelet. Dat niet alleen de oudjes aan het woord komen, maar dat ook jonge onontdekte kunstenaars in de schijnwerper kunnen treden. Bovendien heb ik zo geselecteerd dat vele disciplines uit de kunsten vertegenwoordigd zijn.”

Was er dan ook een bepaalde demografische eis voor de kunstenaars om in het boek te komen?

Nico: “Er was maar één eis, en dat is dat de kunstenaar op maximaal drie kwartier fietsafstand van mijn huis woonde, haha! Het aantal routebeschrijvingen en plattegrondjes dat ik heb uitgetekend is ontelbaar.”

99 keer door de omgeving van Nijmegen fietsen en bij kunstenaars op de koffie gaan, dat moet wel een gezellig proces zijn geweest.

Nico: “Het was fantastisch om te doen. De kunst komt helemaal tot leven in de ontmoeting, het zien van het werk en een kijk in het atelier.”

Inge: “Het is alleen al leuk om met z’n drieën iets neer te zetten waar vrijdag al ruim zeshonderd mensen op afkomen, maar die ontmoetingen waren écht goud. Daar doe je het voor. Je vereeuwigt die ervaringen in gedrukt werk en geeft hiermee de kunst van Nijmegen een plek. Maar bovenal doe je het voor jezelf omdat je het heel leuk vindt om die ontmoetingen aan te gaan en die foto’s te maken.”

Wat zijn voor jullie de meest memorabele momenten uit al die ontmoetingen en gesprekken?

Inge: “Wat mij is bijgebleven is dat de leefsituaties van de kunstenaars ontzettend kunnen verschillen. Bij de één kom je in een huis met een groot atelier dat volhangt met mooie kunst, en dan zegt de kunstenaar dat hij of zij nog een woonhuis heeft en dat het atelier puur voor het creëren is. Bij de ander kom je juist in een heel klein kamertje met een keukentje en een kind en een man erin, wat ook als atelier fungeert. Je merkt zo echt de noodzaak van het creëren bij de kunstenaars, waar ze ook leven. Ik heb ook zo vaak over het creatieve proces gesproken met allerlei verschillende mensen, daar steek je veel nieuwe inspiratie van op.”

Nico: “Ik heb er beter door leren schrijven. Ik moest altijd goed kijken en observeren, anderhalf uur lang. Dat is wel eens wat anders dan vijf minuten voor een kunstwerk staan in een museum! Ik ben er preciezer van geworden en ik kijk nu veel uitgebreider en met meer interesse naar kunst dan ik voorheen in welke kunsthal dan ook deed.”

Inge: “Het is ook wel een intieme kijk in de keuken. Je gaat echt een band aan met de kunstenaar die je spreekt. Het rare is dat dit voor Pascale weer heel anders was!”

Pascale: “Ik had dus nul contact met de kunstenaars, omdat ik alleen maar achter m’n computer aan het boek heb zitten zwoegen, haha! Ik heb enkel de zwartwitfoto’s van de kunstenaars groot voor me gezien. Ik krijg het kader van Inge en Nico wel, en aan de hand daarvan maak ik mijn voorstelling van de persoon. Dan denk ik een kunstenaar te kennen in mijn hoofd, en dan zwaaien ze op de fiets nooit terug!”

Hoe verliep het vervaardigen van het boek?

Pascale: “Ik was verantwoordelijk voor het design, het structureren van alle inhoud en ik ben bovendien de eindverantwoordelijke voor het boek. Voor het boek maakte ik eerst een soort dummy-plan, aangezien ik wel houd van een kordate werkwijze. Ik begon met een aantal spreads, maar er was nog te veel sprake van vrije invulling of open ruimte. Als je niet weet wat de omvang is, wat het grootste en het kleinste element is, dan wordt het lastig om een basis te maken. Dus het was soms wel een gestoei voor me. Het eindresultaat is uiteindelijk iets geheel anders geworden dan de dummy.”

Inge: “We hebben dit niet in opdracht gedaan. We hebben elkaar daar compleet vrij in gehouden. Dat bracht soms wat moeilijkheid zoals Pascale zegt, maar als je het leuk wil houden voor jezelf dan moet je ook niet te veel regels aan het project verbinden. Dat klinkt door in de titel van het boek, maar dus ook in onze aanpak!”

Hoe zit het met jullie voorbereidingen voor de opening? Het zal vast een drukke week zijn!

Pascale: “Excel-sheets, gereserveerde plaatsen, ophangen van verkoopposter, installeren mobiele pin-apparaat…”

Inge: “Arme Pascale, haha!”

Pascale: “… regelen van voldoende bemanning…. De laatste dingen dus. Daar heb ik mijn handen nog wel even vol aan.”

Barbara: “Eigenlijk zit het meeste werk nu bij ons, bij het museum. Het boek is prachtig, maar er moest een hele vertaalslag plaatsvinden voordat het een goed functionerende tentoonstelling kon worden.”

Nico: “Het zijn immers 99 verschillende werken die onderling misschien wel niks met elkaar te maken hebben.”

Pascale: “De volgorde is erg bijzonder, ja. Normaal ontstaat er eerst een tentoonstelling en volgt daar een bijpassend boek bij als een soort van aandenken. Nu is er eerst een boek en dan pas de tentoonstelling.”

Barbara: “De namen in het boek staan op alfabetische volgorde naar voornaam. We hebben even gedacht dat ook bij de tentoonstelling te doen, maar van dat idee waren we binnen vijf minuten alweer af.”

Het is spannend, het brengt niet alleen de Nijmeegse kunstenaars in kaart, maar het geeft ook aandacht voor nog jonge, onontdekte kunst: de doelen van het boek lijken zich onbewust te hebben gemanifesteerd, ook al is het ‘slechts’ een selectie van 99.

Nico: “Exact! En er zijn natuurlijk ook veel kunstenaars die niet in de selectie zijn opgenomen. Ik bedoel, ik zou het ook niet leuk vinden als ik er, ook door willekeur, niet in stond als kunstenaar. Maar ik hoop dat de lezer het gevoel beklijft dat er meer is dan alleen maar deze selectie, dat de ‘geest’ van kunstzinnig Nijmegen erin doordruipt.”

Barbara: “Ook uit het boek en uiteindelijk uit de tentoonstelling spreekt dat een beetje: het is feest, er gebeurt van alles, Het is een schitterend gebaar naar de stad. Natuurlijk herken ik wat Nico zegt: ik spreek regelmatig kunstenaars die het jammer vinden dat ze niet in het boek zijn opgenomen. Maar dan zeg ik gewoon: dan moet je bij Nico zijn!”

Nico: “Je kunt altijd nog zeggen dat ik een hele slechte smaak heb…”

De expositie 99 + 1 - Vrije Kunst in Nijmegen is vanaf vrijdag 8 juni te zien in Museum Het Valkhof. Op diezelfde dag vindt vanaf 19:30 de feestelijke opening plaats in het museum. Aanmelden voor de opening kan via m.koekkoek@museumhetvalkhof.nl. Het bijbehorende boek is te koop in het museum vanaf de start van de expositie, en nu al online te reserveren via www.deoprit.nl.